Bevrijding

Ik was één jaar geworden en mijn moeder gaf een feestje. Ze had mensen uitgenodigd. Een koppel met een kind. Het kind en ik zaten tegenover elkaar. We waren vastgebonden in onze kinderstoelen. Ik keek mijn ogen uit, want ik had nog nooit een ander kind gezien. Het andere kind was ook geïnteresseerd. Het andere kind had nog nooit een blank kind gezien. Mijn moeder maakte opmerkingen over de huidskleur van het kind. De Vlericks waren zo blank als witte lakens. Hun kind niet. Het kind en ik probeerden over de tafel heen bij elkaar te komen. Maar we waren vastgebonden. Mijn moeder zei: ja, het is me wat, zo uit de Congo terugkeren, en dan zo eentje krijgen. Moeder Vlerick zweeg. Vader Vlerick ze

Bericht

Mijn broer René was veel ouder dan ik. Hij was de rechtstreekse aanleiding voor het huwelijk van mijn ouders. Dertien jaar na René werd ik geboren. Een ongeluk komt nooit alleen. Ook al denk je dertien jaar lang van wel. Een jaar na mij kwam mijn broer Antoine de ramp compleet maken. Toen ik zes was ging mijn broer René dood. Mijn broer Antoine begon te drinken toen zijn voetbalcarrière over haar hoogtepunt heen was. Antoine was zestien en had geen plan B. Ik loop al mijn hele leven weg van vrouwen die vinden dat ik een plan A moet hebben. Ik zit naast mijn vader. We zwijgen. We verstaan elkaar. We eten boterhammen met paardenbiefstuk, en gebakken tomaat met ajuin. We drinken koffie. Dan gaa

Archief

© 2018-2020 Udo Meiresonne