Aapje

Mijn moeder had zich in het hoofd gehaald dat ze me nog voor de lagere school zou leren lezen. Dankzij de collectie Jommekes van mijn dertien jaar oudere broer René slaagde ze in haar opzet. In juli 1971 verongelukte René. Mijn moeder schreef voor zijn begrafenis een pakkende tekst, die eenieder naar de keel zou grijpen. Vooral omdat hij werd voorgelezen door een zesjarig aangekleed aapje. Ik droeg het hopeloos gedemodeerde eerste communiepakje van mijn pas overleden broer en bracht moeiteloos het hele dorp aan het snotteren. Alleen mijn moeder weende niet. Zij zat de hele tijd apetrots glimlachend te knikken. Twee maanden later kwam ik in het eerste leerjaar. Ik ontdekte onmiddellijk dat de voorsprong in mijn ontwikkeling mij compleet isoleerde van mijn klasgenootjes, terwijl ik bij de leerkrachten hoofdzakelijk argwaan opwekte. Uit overlevingsdrang leerde ik me drukken. Ik probeerde mijn schoolresultaten tot een aanvaardbaar niveau te reduceren en staarde uit het raam, luisterde met een half oor en verzuimde geregeld huistaken te maken. Jarenlang verveelde ik me steendood. Maar ondanks mijn subtiele tegenwerking bleef ik voor een soort wonderkind doorgaan. Rond mijn zestiende kreeg ik onmogelijk te negeren symptomen van schoolmoeheid. Eindelijk werd ik als een normale behandeld.


53 keer bekeken
Archief