FFP2

Ook mijn buurman heeft zijn routine aangepast. Tot twee weken geleden poetste hij zijn auto elke zaterdag. Nu doet hij dat op maandag, woensdag en vrijdag. Deze morgen vertrok ik naar de bakker om mijn online besteld Maya-brood af te halen. Mijn buurman waste net zijn auto. Ik groette hem. Hij keek me verschrikt aan. Met grote angstogen verschanste hij zich snel achter de wagen. Hij bedreigde me met zijn hogedrukreiniger. Schreeuwend sommeerde hij me drie stappen achteruit te doen, en een mondmasker op te zetten uit het doosje op de vensterbank. Ik voerde zijn bevelen nauwgezet uit. Daarna kalmeerde buurman enigszins. Hij zei dat het nu veilig was, want dat ik het beste masker droeg dat er v

Zoom

Het duurde anderhalve week vooraleer Merel iets van zich liet horen. Dan stuurde ze een uitnodiging om te zoomen. Ze vermeldde erbij dat ze Tom miste. Ik slaagde er niet in Tom te vangen op het door Merel afgesproken tijdstip. Merel interpreteerde dat als onwil van mijn kant. Het kwam niet bij haar op dat het aan de kat lag. Merel en ik zijn zes jaar geleden uit elkaar gegaan. Al zes jaar blijven we in contact, dankzij Merel die doet alsof ze zich zorgen maakt om mijn poezen. Ik grinnikte hierom in mijn elleboog. Merel vroeg of ik hoestte. Ik loog dat het maar een kleine niesbui was. Ik zei dat ik alleen al door de massale virus-updates, zelf kenmerkende symptomen begon te vertonen. In plaat

Desperados

Er werd aangebeld. Wie kon dat zijn? Misschien de wijkagent die kwam controleren of ik me aan de richtlijnen hield van de overheid, die de vorige dag elke samenscholing had verboden. Of misschien was het Merel, die er zich door het samenscholingsverbod van bewust was geworden dat ze me niet kon missen, en die nu op het punt stond zich in mijn troostende armen te storten. Ik maakte de voordeur open. Voor me stond mijn broer Antoine. Mijn broer Antoine drinkt. We zien elkaar niet vaak omdat we meestal niet weten wat we elkaar te vertellen hebben. Antoine is geen sociale drinker. Op zondag drinkt hij in zijn eentje in de voetbalkantine. Op alle andere dagen drinkt hij in zijn eentje thuis. Om h

Beugel

Ik was tien toen ik op bevel van de schooltandarts een beugel kreeg. Dat was lachen! Vooral mijn broer Antoine vond mijn beugel lollig. Hij noemde me spast, mongool en debiel. En Canadees. Maar waarschijnlijk bedoelde hij Chinees. Door die beugel kon ik niet meer normaal praten. Mijn moeder vond me kinderachtig. Volgens haar was ik alleen uit protest tegen de beugel begonnen met slissen. In 1975 waren beugels nog lang niet hip. Op de speelplaats degradeerde je in één klap tot de laagste rang. Samen met het meisje met het brilletje en het afgedekte oog, de jongen met de orthopedische schoen en de zes kinderen uit hetzelfde gezin die elk jaar als eerste luizen hadden. Je deed niet meer mee, me

Archief

© 2018-2020 Udo Meiresonne