De nachten

Soms probeer ik urenlang in te slapen. Zonder resultaat. Soms word ik het proberen inslapen zo moe dat ik ten einde raad terug opsta. Soms lig ik na vijf minuten te ronken als een poes. Meestal word ik na een uur ronken als een poes weer wakker en raak daarna niet meer in slaap. De nachten zijn geen pretje. Als kind was ik al een slechte slaper. Toch kan ik me niet herinneren ooit een nachtmerrie gehad te hebben. Integendeel. Mijn dromen zijn altijd zo overdreven idyllisch dat ik me er nog in de droom bewust van word dat ik droom. En dan is de lol eraf natuurlijk. Dan hou ik het voor bekeken. Vervolgens lig ik uren naar het plafond te staren. Ook toen ik nog klein was, droomde ik alleen maar van die sentimentele crap. Dat Maria uit The Sound Of Music mijn echte moeder bleek te zijn. Dat mijn broer Antoine een schattig zusje was. Dat mijn broer René terug leefde. Vele nachtelijke uren bracht ik rechtop zittend in bed door. Dat beterde pas toen ik een jaar of twaalf, dertien was. Onbewust bracht mijn vader redding. Het was in zijn nachtkastje dat ik de slaappillen ontdekte.


45 keer bekeken
Archief

© 2018-2021 Udo Meiresonne