Tita Tovenaar

De nieuwe Simca was tweedehands. De lak hield het midden tussen beige en de kleur van snot. Mijn moeder vond het afgrijselijk. Giftig noemde ze de auto schijtgroen. Mijn vader omschreef de Simca ook als schijtgroen, maar bij hem klonk het bijna als iets bijzonder, iets uniek, iets om trots op te zijn. Ik schaamde me voor allebei. Een Simca was echt niets om mee uit te pakken, maar je moest het ook niet erger maken dan het al was. In die tijd werd ik trouwens helemaal opgeslorpt door mijn nieuwe toverdoos. Dagelijks herinnerde mijn moeder me eraan dat die gewoon een verzameling goocheltrucs voor beginners bevatte. En dat goochelen in haar ogen puur boerenbedrog was. Ik liet me niet van de wijs brengen, en bleef onverstoorbaar oefenen. Ik miste geen enkele aflevering van Tita Tovenaar. Een mijlpaal zou bereikt worden op de dag dat ik tot ieders verrassing de schijtgroene Simca zou omtoveren tot goudkleurige Opel Manta Coupé. De lat lag hoog, maar het was de opoffering waard, want na dit huzarenstukje zou het leven uiteindelijk wel draaglijk worden. Tot mijn groot verdriet echter kreeg ik de tovenarij niet onder de knie. Noodgedwongen bleef ik een wannabe-goochelaartje. Een bedrieger.


40 weergaven
Archief