Zus of zo

De helft van de tijd lig ik met mezelf in de knoop. De andere helft probeer ik vruchteloos de mensen te begrijpen. Mijn moeder bijvoorbeeld, die qua ondoorgrondelijkheid absoluut ondoorgrondelijk was. Toen mijn broer René in 1970 achttien werd, maakte mijn moeder een afspraak bij de rijschool. Dat had ze beloofd. Maar op de dag van de eerste les verklaarde ze droogweg dat ze zélf de rijlessen nam. Nooit had mijn moeder interesse getoond voor het besturen van een wagen, nu leek het ineens van levensbelang. Twee weken later al haalde ze haar rijbewijs. De dag erna pakte ze een koffer en vertrok met de noorderzon. Ik was vijf, en zag voor het eerst een volwassen man panikeren. Op het einde van de tweede dag kwam mijn moeder weer thuis. Mijn vader inspecteerde minutieus de auto, en stelde vast dat er zevenhonderddrieënzestig kilometer waren afgelegd. Mijn moeder legde uit dat ze op de terugweg al bij Amstelveen verkeerd gereden was, en dat pas twee uur later gemerkt had. Ze was uitzonderlijk goedgeluimd. Mijn vader vroeg stilletjes of het een meisje was. Ik vroeg: Krijgen we een zus of zo?! Luchtig antwoordde mijn moeder ons allebei: Hét is weg! Ze straalde.



70 keer bekeken
Archief

© 2018-2020 Udo Meiresonne