Kalender

Omdat ik steeds haar verjaardag vergeet, heeft Merel me een verjaardagskalender cadeau gedaan. Ze had er preventief haar eigen verjaardag al op ingevuld. Ik kan alleen die van De Vlerk onthouden, omdat hij precies zes maanden na de mijne valt. Merel heeft dat nooit goed verdragen. Toen we nog samenleefden verweet ze me dat ik haar minder belangrijk vond dan Hendrik. In die tijd verliepen Merels verjaardagen nooit echt feestelijk. Nu nodigt ze me elk jaar uit om het samen te vieren. Het enige wat van mij verlangd wordt, is dat ik een passend cadeautje meebreng. Ik heb geen talent voor het kiezen van passende cadeautjes. Merel weet dat. Alles wat ze doet past in een groter plan. Ik vermoed dat

Blij

De radio staat aan. Mijn vader is in zijn nopjes. Hij zingt een duet met Jim Reeves. If you love me Mary, Mary marry me. Later eten we zwijgend en tevreden. Gebakken niertjes en aardappel-zurkelstamppot, overgoten met bruine niertjesjus. Na de koffie gaat mijn vader naar bed en ik naar huis. We zijn graag alleen. Wie niet graag alleen is, kan er maar beter aan wennen. Eenzaamheid is ons aller lot, vroeg of laat. In het aanschijn van de heer of in dat van een Poolse verpleegkundige die hier haar knelpuntberoep komt uitoefenen en je vrolijk daaag schaaatje noemt. Omdat ik niet geloof in een hiernamaals ben ik minder bang voor de dood zelf dan voor wat eraan vooraf gaat. Het is een geruststelle

Meeuw

Ik sta voor het Kursaal. Het lijkt of de laatste veertig jaren uitgewist zijn. Ik bekijk de programmatie. Wrijf vervolgens langdurig mijn van heimwee naar vroeger tranende ogen droog. Koop een krant. Stel vast: daar staat wel degelijk 2019. Niet 1979. Nostalgie is in. We worden overspoeld door remakes, revivals, tributes en sequels. Op het theaterfestival spelen twee geslaagde uitvoeringen van dezelfde klassieker. En één hoogst vermakelijke wat-als-versie van een andere. Een Tsjechov die geen Tsjechov is, maar die zonder Tsjechov nooit gemaakt zou zijn. De wat-als-versie zal geen klassieker worden. Ik koop koffie en een Luikse wafel aan een kraam dat niet toevallig Albert heet. In Oostende i

Verandering

Het bewustzijn groeit: we moeten het roer omgooien. Daarom hebben we massaal speed pedelecs aangeschaft. Een speed pedelec is een brommer die geen geluid maakt en waarmee je altijd en overal vijfenveertig kilometer per uur moet rijden. Voor de progressieve stad Oostende gaat dit niet ver genoeg. Men lanceerde de elektrische deelstep. Dat is een speed pedelec zonder noemenswaardige wielen en met louter staanplaatsen. Het deelaspect zit in het feit dat je de steps na gebruik overal mag sluikstorten. Schitterend initiatief. Bovenop de zeedijk staat nog steeds een bronzen afgietsel van onze tweede koning te genieten van zijn lievelingsdiertjes. Verrukte wijfjes en afgerichte negers. Vergeef ons

Roos

Vandaag wilde ik gaan schrijven over het starstruck knuffelmeisje dat ik gespot heb bij de festivalbar. Het bewuste meisje lokaliseert beroemdheden, die ze op ontwapenende wijze verleidt tot bijzonder lijfelijke omhelzingen, waarvan ze vervolgens selfies neemt. Aan dat speciale meisje zou ik een ode gaan schrijven. Maar helaas. Gisteren had ik nog een vouwfiets. Nu heb ik die niet meer. Hij is door iemand ontvoerd. Deze morgen liep ik aldus een leegte tegemoet. Door dit voorval staat mijn hoofd niet meer naar ontwapenende knuffelmeisjes. In plaats daarvan sla ik me voor de kop omdat ik weigerde om de afgesloten fietsenstalling te gebruiken. Ik loop als een zombie door de stad, alsof het arme

Ballon

Onze allereerste grote ruzie had wel eeuwig door kunnen gaan, als daar niet opeens aan de hemel een luchtballon was verschenen. We riepen gelijktijdig: Ballon! We moesten erom lachen. Elkaar omarmend zwaaiden we naar de ballonvaarders. De hete lucht ontsnapte. We vroegen elkaar waar we gebleven waren, en deden alsof we niet meer wisten waar de ruzie over ging. De thermiek was weg. Op het kookpunt van onze volgende ruzie riep Merel laconiek: Ballon! Er was geen ballon, maar het werkte wel. Ik probeerde het ook. Met succes. Jarenlang bleef het woordje ballon een adequaat middel om meningsverschillen bij te leggen. We waren eens onderweg met Merels auto. Ik reed. Merel vroeg zich af waarom de E

Archief

© 2018-2020 Udo Meiresonne